|
Conventie
tussen AWBB en VBL
(25november 2006)
Conventie
Tussen
L’Association Wallonie Bruxelles de Basket-Ball, afgekort AWBB,
vertegenwoordigd door de heren Delchef Jean-Pierre en Slangen Yvan ,
respectievelijk voorzitter en secretaris-generaal
En
de Vlaamse Basketballiga, afgekort VBL, vertegenwoordigd door de heren
Van Vooren Marc en Umans Koen, respectievelijk voorzitter en
secretaris-generaal
wordt overeengekomen de conventie die dateert van 30 juni 2002 te
vervangen door onderhavige overeenkomst :
1. Objectieven
Binnen het kader van hun wederzijdse activiteiten komen de VBL en de
AWBB overeen om gemeenschappelijke schikkingen te treffen noodzakelijk
voor de promotie van het basketbal , het vrijwaren van de rechten van
hun clubs en hun leden; en de bepaling van hun onderlinge betrekkingen.
2. Betreffende het statuut van hun clubs :
2.1 De clubs zijn lid van ofwel de VBL ofwel de AWBB
2.2 De clubs mogen niet gelijktijdig aangesloten zijn bij de VBL en bij
de AWBB. Het stamnummer blijft steeds verbonden met de oorspronkelijke
provincie en bijgevolg met de VBL of met de AWBB. De
secretarissen-generaal van de VBL en de AWBB worden belast met de
toepassing van dit voorschrift.
2.3 Het systeem van toekenning van een stamnummer aan de clubs van VBL
en AWBB werd door de secretarissen-generaal van de VBL en AWBB op punt
gesteld en hierbij is een dubbele nummering uitgesloten.
2.4 de fusie van clubs toebehorend aan VBL en AWBB is niet toegestaan.
3. Betreffende het statuut van de leden :
3.1 De leden, spelers en niet-spelers, mogen slechts toegewezen zijn
aan een enkele club, die behoort tot ofwel de VBL
ofwel de AWBB. Een lid
mag nooit tegelijkertijd lid zijn van de VBL en de AWBB. De
secretarissen-generaal van de VBL en de AWBB worden belast met de
controle van de toepassing van dit voorschrift.
3.2 De beroepsspelers moeten eveneens over een licentie beschikken
afgeleverd door de VBL of de AWBB. De overgang van een beroepsspeler,
aangesloten bij een profclub, naar een andere profclub, wordt,
tijdens
het seizoen, geregeld door de bepalingen terzake uit het reglement van
de BLB. Om als profclub beschouwd te worden moet een club tenminste 7
spelers tewerkstellen die op de aanvangsdatum van het lopende seizoen
het statuut van betaalde sportbeoefenaar bezitten en moet zij de lijst
van alle beroepsspelers naar het secretariaat-generaal gestuurd hebben
conform de bepalingen van het arrtikel PM.03.3. (AWBB) of VMD art 552
punt 3 (VBL).
3.3 Mits inachtname van de bepalingen van de wet van 24 juli 1987 op het
tijdelijk werk, het interim werk en de terbeschikkingstelling van
werknemers aan gebruikers, is de terbeschikkingstelling van
beroepsspelers, aangesloten bij een profclub, aan een andere club
toegelaten. Deze terbeschikkingstelling moet evenwel aanvangen ten
laatste op de datum van aanvang van het kampioenschap waaraan de
profclub deelneemt en zij verbindt de partijen tot 30 juni van het
lopende seizoen.
3.4 De mutatieperiode in de VBL en de AWBB, zijnde de maand mei, blijft
vastgelegd . Elk verzoek van de VBL of de AWBB om deze periode te
wijzigen zal het voorwerp uitmaken van een voorafgaande overeenkomst.
Het is in ieder geval de bedoeling de eenvormigheid te behouden in deze
materie.
3.5 De mutatie tussen clubs van de VBL en de AWBB is niet toegelaten.
3.5.1. Een club van de VBL die een speler wenst aan te sluiten die lid
is van een club van de AWBB
- voor dewelke alle officiële competitie(s) (kampioenschap of
bekercompetitie) waaraan de betrokken speler deelneemt afgelopen is
of zijn, of
- die niet opgesteld is geweest in een aan de gang zijnde
officiële competitie (kampioenschap of bekercompetitie)
a) Dient het secretariaat-generaal van de VBL te verzoeken een
vrijgavebrief te vragen aan het secretariaat-generaal van de AWBB
b) Het secretariaat-generaal van de AWBB vraagt aan de club waarbij
de speler aangesloten is of er een gemotiveerd bezwaar is tegen de
aansluitingsaanvraag en informeert het secretariaat-generaal van de
VBL omtrent het ontvangen antwoord. Het secretariaat-generaal van de
VBL, op haar beurt, brengt de aanvragende club op de hoogte.
c) Indien de verzoekende club van de VBL vaststelt dat er geen
bezwaar is kan zij het aansluitingsformulier versturen naar het
secretariaat-generaal van de VBL..
d) Bij gebreke van een antwoord vanwege de club waar de speler
aangesloten is, binnen de 7 dagen nadat het secretariaat-generaal
van de VBL het verzoek heeft ingediend wordt de betrokken club
verondersteld geen bezwaar te hebben tegen de nieuwe aansluiting.
Evenwel dient het secretariaat-generaal van de AWBB deze
vaststelling te bevestigen t.o.v. het secretariaat-generaal van de
VBL.
e) In geval van verzet van de club, waarbij de speler aangesloten
is, komt het toe aan de Raad van Bestuur van de AWBB in laatste
instantie uitspraak te doen.
f) 3 dagen na de verzending van het aansluitingsformulier mag de
speler opgesteld worden.
3.5.2. Een club van de AWBB die een speler wenst aan te sluiten die
lid is van een club van de VBL
- voor dewelke alle officiële competitie(s) (kampioenschap of
bekercompetitie) waaraan de betrokken speler deelneemt afgelopen is
of zijn, of
- die niet opgesteld is geweest in een aan de gang zijnde
officiële competitie (kampioenschap of bekercompetitie)
a) Dient het secretariaat-generaal van de AWBB te verzoeken een
vrijgavebrief te vragen aan het secretariaat-generaal van de VBL
b) Het secretariaat-generaal van de VBL vraagt aan de club waarbij
de speler aangesloten is of er een gemotiveerd bezwaar is tegen de
aansluitingsaanvraag en informeert het secretariaat-generaal van de
AWBB omtrent het ontvangen antwoord. Het secretariaat-generaal van
de AWBB, op haar beurt, brengt de aanvragende club op de hoogte.
c) Indien de verzoekende club van de AWBB vaststelt dat er geen
bezwaar is kan zij ofwel het aansluitingsformulier versturen naar
het secretariaat-generaal van de AWBB, ofwel overgaan tot
aansluiting via electronische weg.
d) Bij gebreke van een antwoord vanwege de club waar de speler
aangesloten is, binnen de 7 dagen nadat het secretariaat-generaal
van de AWBB het verzoek heeft ingediend wordt de betrokken club
verondersteld geen bezwaar te hebben tegen de nieuwe aansluiting.
Evenwel dient het secretariaat-generaal van de VBL deze vaststelling
te bevestigen t.o.v. het secretariaat-generaal van de AWBB.
e) In geval van verzet van de club, waarbij de speler aangesloten
is, komt het toe aan de Raad van Bestuur van de VBL in laatste
instantie uitspraak te doen.
f) de speler mag ofwel 3 dagen na de verzending van het
aansluitingsformulier ofwel de dag na de verzending van de
aansluiting via electronische weg opgesteld worden.
De secretarissen-generaal van de VBL en de AWBB zijn belast met de
controle van de toepassing van deze procedure.
3.6. De bepalingen omtrent het statuut van de beloftevolle speler
laten een speler van de AWBB toe als beloftevolle speler beschouwd te
worden bij een club van de VBL en omgekeerd. De beloftevolle speler is
aangesloten, hetzij bij een club van de 1ste Nat Afd Heren en het is hem
toegelaten te spelen bij een seniorsploeg uit de 2de of 3de Nat Afd
Heren of uit de Landelijke Afdelingen van VBL/AWBB, hetzij bij een club
uit de 2de of 3de Nat Afd Heren of uit de Landelijke Afdelingen van
VBL/AWBB en is gemachtigd opgesteld te worden in de seniorsploeg van een
club uit de 1ste Afd Heren.
3.7. De bepalingen omtrent het statuut van de beloftevolle speler laten
een speelster van de AWBB toe als beloftevolle speelster beschouwd te
worden bij een club van de VBL en omgekeerd. De beloftevolle speelster
is aangesloten, hetzij bij een club van de 1ste Nat Afd Dames en het is
haar toegelaten te spelen bij een seniorsploeg in Landelijke Afdelingen
of uit de 1ste Prov Afdeling, telkens van VBL/AWBB, hetzij bij een club
uit de Landelijke Afdelingen of uit de 1ste Prov Afdeling, telkens van
VBL/AWBB, en het is haar toeglaten aan te treden bij de seniorsploeg van
een club uit de 1ste Nat Afd Dames.
4. Betreffende de competitie :
4.1 De regels om te stijgen naar de nationale afdelingen Dames en
Heren worden in onderling overleg bepaald.
4.2 Indien een club van de AWBB, actief in de laagste nationale
afdeling, vrijwillig wenst te dalen dan kan de vervanging bij prioriteit
gebeuren door een club van de AWBB.
Indien een club van de VBL, actief in de laagste nationale afdeling,
vrijwillig wenst te dalen dan kan de vervanging bij prioriteit gebeuren
door een club behorend tot de VBL.
4.3 Naast de nationale competitie Heren en Dames en de Beker van België
mag geen enkele competitie georganiseerd worden tussen clubs van de VBL
en clubs van de AWBB zonder het akkoord van de Raad van Beheer van de
VBL en de AWBB.
4.4. Vriendschappelijke wedstrijden of tornooien waaraan clubs van de
VBL én de AWBB deelnemen vallen onder de verantwoordelijkheid van het
Provinciale Comité waartoe de bezochte of de organiserende club behoort.
In het geval van forfait van de bezochte club of van een club die
deelneemt aan het tornooi, en op voorwaarde dat de geldboete hen
voorafgaandelijk werd medegedeeld kunnen de juridische organen van de
provincie waartoe de de bezochte club, de organiserende club of de club
die deelneemt aan het tornooi, behoort, zich uitspreken.
Wanneer deze beslissing genomen werd zal zij worden overgemaakt aan het
secretariaat-generaal van de betrokken landelijke instantie voor
uitvoering. De club die in fout was zal gedebiteerd worden voor het
voorziene bedrag.
4.5. Een lid van de AWBB, in het bezit van een licentie, mag de functies
van aantekenaar, tijdopnemer en operator 24’’ uitoefenen bij wedstrijden
georganiseerd onder de verantwoordelijkheid van de VBL.
Een lid van de VBL , houder van een licentie mag de functies van
aantekenaar, tijdopnemer en operator 24’’ uitoefenen tijdens wedstrijden
georganiseerd onder de verantwoordelijkheid van de AWBB.
4.6. Een lid van de AWBB,houder van een technische vergunning mag de
functie van coach uitoefenen in een club van de VBL op voorwaarde dat
zijn technische licentie gehomologeerd werd door een bevoegde instantie
van de VBL.
Een lid van de VBL , houder van een technische licentie mag de functie
van coach uitoefenen in de AWBB op voorwaarde dat zijn technische
licentie gehomologeerd werd door een bevoegde instantie van de AWBB.
4.7. Het minimum aantal jeugdploegen dat de clubs van de VBL en AWBB
moeten inschrijven in de competitie zal volgens dezelfde principes
worden vastgesteld. Elke wijziging van deze principes zal in overleg
gebeuren tussen AWBB en VBL.
5. Betreffende de arbitrage :
5.1. De scheidsrechters mogen slechts lid zijn van één enkele club ,
ofwel van de VBL ofwel van de AWBB.
De aansluiting tegelijkertijd bij de AWBB en de VBL is uitgesloten. De
secretarissen-generaal van de AWBB en de VBL zijn belast met de controle
van deze bepaling.
5.2. Uitzonderlijk en in zo ver de betrokken Provinciale Comités van
AWBB en VBL akkoord gaan met de uitvoeringsmodaliteiten kunnen zij
wederzijds scheidsrechters ter beschikking stellen voor het leiden van
wedstrijden die onder hun verantwoordelijkheid gespeeld worden.
5.3. De scheidsrechters opgeroepen om wedstrijden te leiden tussen clubs
van VBL en AWBB en blijven onder het beheer van hun respectieve
instanties.
5.4. Elke overeenkomst van algemene aard betreffende de arbitrage dient
het voorwerp uit te maken van een voorakkoord tussen VBL en AWBB.
6. Betreffende het financiële luik :
Geen tekst
7. Betreffende het juridische luik :
7.1. VBL en AWBB spreken af de gevolgen van alle sancties
uitgesproken door de juridische instanties van de KBBB , de AWBB en de
VBL onderling in aanmerking te nemen . Een wijziging van de aansluiting
mag in geen geval tot gevolg hebben dat een sanctie, effectief of
geldelijk , niet zou toegepast worden overeenkomstig de statutaire
voorschriften van respectievelijk de KBBB, VBL of AWBB.
7.2. Op 30 juni van elk jaar zullen VBL en AWBB mekaar de lijst
overmaken van leden die het voorwerp van een sanctie hebben uitgemaakt
of die geschorst zijn tot vrijwillige verschijning.
7.3. Indien bij een financieel geschil tussen een club van de AWBB en
een van zijn leden de bevoegde landelijke of provinciale instantie zich
uitspreekt ten voordele van de club kan het lid geschorst worden . De
deelname aan officiële wedstrijden kan slechts toegelaten worden op
voorwaarde dat het bewijs van de betaling gele-
verd wordt. Een latere aansluiting van dit lid bij een club van de VBL
verandert niets aan de situatie van dit lid. De schatbewaarder van de
VBL zal dit voorschrift toepassen.
Indien bij een financieel geschil tussen een club van de VBL en een van
zijn leden de bevoegde landelijke of provinciale instantie zich
uitspreekt ten voordele van de club kan het lid geschorst worden. De
deelname aan officiële wedstrijden kan slechts toegelaten worden op
voorwaarde dat het bewijs van betaling geleverd wordt.
Een latere aansluiting van dit lid bij een club van de AWBB verandert
niets aan de situatie van dit lid. De schatbewaarder van de AWBB zal dit
voorschrift toepassen.
7.4. Alle sportieve geschillen tussen clubs van de AWBB en de VBL zullen
behandeld worden door een commissie ad hoc , paritair samengesteld door
de respectievelijke Raden van Bestuur.
8. Eindbepalingen
8.1. Deze overeenkomst zal elk jaar in de maand december geëvalueerd
worden.
8.2. Elk voorstel tot wijziging van deze overeenkomst moet
noodzakelijkerwijs het voorwerp uitmaken van een jaarlijks overleg vóór
einde maart.
Huidige overeenkomst treedt in werking op 01 juli 2006. Zij kan
jaarlijks verbroken worden mits een aangetekend schrijven bij de post
neergelegd vóór 31 maart van het betrokken jaar. De opzeg gaat in vanaf
1 juli van het betrokken jaar.
Opgemaakt te Brussel op 25 november 2006.
Voor de Vlaamse Basketballiga vzw Voor de Association Wallonie Bruxelles
de Basketball
Marc Van Vooren, Jean-Pierre Delchef,
Voorzitter.
Voorzitter.
Koen Umans,
Yvan Slangen,
Secretaris-generaal. Secretaris-generaal. |