sitemap





 

LANDELIJK RAAD VAN BESTUUR

Verslag van de Raad van Bestuur Nr. 64 van 12 juni ’06

Aanwezig: Adri Welvaarts, Voorzitter, Marc Van Vooren, Marc De Smedt, Werner Van Slycken, Bruno Laermans, Koen Umans, Secretaris-generaal
Verontschuldigd: Tony Souveryns, Sporttechnisch Coördinator

  1. Het verslag van de vergadering van de Raad van Bestuur Nr. 63 dd. 27.05.06 wordt zonder opmerkingen goedgekeurd. De personeelsproblematiek zal bij prioriteit onderzocht worden door Dhrn. M. Van Vooren en K.Umans. Dhr Laermans betreurt evenwel dat de Voorzitter in afwachting toch beslist heeft reeds tot publicatie over te gaan van de vacature ter vervanging van een administratief personeelslid dat ontslag genomen heeft.
     
  2. In de discussie omtrent al dan niet terecht aangerekende verplaatsingskosten door scheidsrechters, beslist de Raad van Bestuur dat de te veel aangerekende verplaatsingskosten alsnog teruggevorderd kunnen worden. De Penningmeester zal instaan voor debitering van de rekeningen van de clubs van aansluiting indien het bevoegd comité een schatkistlijst voorlegt met adequate info over de woonplaats van de betrokken refs, hun club van aansluiting en de teveel aangerekende verplaatsingskosten met opgave van de kwestieuze wedstrijden.
     
  3. De agenda van de Algemene Vergadering zal aangevuld worden met de noodzakelijke aanpassingen aan de conventie tussen AWBB en VBL, de gegevens van VAD31, de formules van de nationale competities 1ste nationale dames, 2de en 3de nationale Heren en marginale tekstwijzigingen aan de statuten, welke ter stemming voorliggen.
     
  4. Competitie: Dhr. M. De Smedt deelt mee dat de kalendervergaderingen, zowel op landelijke als nationaal niveau, positief verlopen zijn dankzij een adequate problemsolving voor de uitstaande problemen bij de opmaak van de competitiekalender. Wat betreft de opstart van een interprovinciale competitie in de meisjesreeksen, wordt een samenwerking tussen de clubs van Vlaams-Brabant en Oost-Vlaanderen voorbereid. Het provinciaal comité Limburg beraadt er zich over of de clubs uit de provincie nu effectief wensen in te stappen in het concept of niet.

    De door de clubs in ontvangst genomen wedstrijdboeken zullen door de Financieel Coördinator aan de clubs gefactureerd worden. Dhr De Smedt bezorgt de daartoe nodige gegevens.
     
  5. Jeugd.
     
    1. Dhr. M. Van Vooren rapporteert over de opvolging van de herlocalisatie van de topsportschool. Samen met Dhrn. A. Welvaarts, T. Souveryns en K. Umans bezocht hij de school, de sportinstallaties en het internaat in Leuven. Deze evaluatie van de diverse locaties en infrastructuur was zeker positief. Een antwoord aan de Schepen van Onderwijs van de Stad Antwerpen, Dhr. Voorhamme, werd verstuurd. Een onderhoud vond plaats met Dhr. F. Van den Wyngaert, directeur topsportschool Merksem.
       
    2. Het kaderweekend voor trainers in Gent verliep succesvol. De clinics werden druk bijgewoond en de organisatie onder leiding van Dhr. T. Souveryns, sporttechnisch coördinator kende een vlot verloop..
       
  6. Financiën: Dhr. A. Welvaarts, Voorzitter evalueert het verloop van de vergadering met de vertegenwoordigers van het Financieel Departement, de Wetgevende Commissie en de leden van het Provinciaal Comité over het 10-punten programma inzake de financiële werking van de VBL, zoals goedgekeurd door de Raad van Bestuur op 24 april ll.
    Hij stelt dat de vergadering in een serene sfeer en op een constructieve manier verlopen is. De al dan niet verontschuldigde afwezigheid van diverse leden van de Raad van Bestuur, de Wetgevende Commissie en het Financieel Departement werd niet gunstig onthaald door zij die wel aanwezig waren.

    Vanuit de vergadering kwam o.m. de kritiek naar voor dat er nogal wat afgevaardigden zijn die onvoldoende voeling met de basis (clubs) hebben. Dit strookt niet met de rol die ze spelen in het beslissingsproces via de AV.

    Dhr Laermans heeft er nogmaals op gewezen dat de Algemeen Penningmeester werkt binnen het algemeen wettelijk kader en de regels opgelegd door de Algemene Vergadering. De Raad van Bestuur is ten slotte een uitvoerend orgaan.

    De dualiteit tussen integratie en centralisatie stond dikwijls centraal in de discussie en er dient gestreefd naar een evenwicht tussen de organisatie van een afdoende centrale controle en een motiverende bewegingsruimte op provinciaal vlak. Dhr. Laermans wenst terzake een misverstand uit de weg te ruimen: een Provinciaal Comité kan functioneren binnen een door de Algemene Vergadering goedgekeurde begroting. Indien er een goedkeuring is en dus de inhoudelijk instemming met de voorstellen verworven is, wordt slechts de vormelijkheid getoetst, zolang er binnen de gestelde budgettaire limieten gewerkt wordt.

    Op langere termijn moet een sterke voeling met de clubs beter tot uiting komen in de structuren. De Voorzitter ziet dit als een uitdaging voor de toekomst. Verder is de kostennormering aan herziening toe op basis van de ervaringen, opgebouwd door de Algemeen Penningmeester en de kritieken welke geopperd worden door diverse beleidsorganen binnen de VBL. De Raad van Bestuur vraagt de Penningmeester dit op korte termijn aan te pakken.

    De Penningmeester wijst er op dat de Provinciale Comités niet wensen af te stappen van het kasboekprincipe en dat men effectief monetaire stromen wenst te zien, terwijl hij de noodzakelijkheid hiertoe niet inziet. Een vergadering met het Financieel Departement moet hier soulaas brengen.

    Statutair dringt zich een wijziging aan de bepalingen aan het Huishoudelijk Reglement omtrent de financiële rapportering (overstappen van één naar drie maanden) op. Zowel Dhr. B. Laermans als Dhr. M. Van Vooren vragen prioritaire aandacht van de Financieel Coördinator voor deze problematiek.

    De Raad van Bestuur concludeert dat een pragmatische aanpak in deze materie het beste resultaat op iets langere termijn garandeert. Er wordt afgesproken dat de Algemeen Penningmeester samen met het lid van de Raad van Bestuur van de betrokken provincie, de Financieel Coördinator en een lid van de Provinciale Afvaardiging een onderhoud met de Voorzitter en de Penningmeester van elk Provinciaal Comité zal hebben om hen terzake op de verplichtingen te wijzen en hen te begeleiden in dit transitieproces. Ondertussen zal wel nauwgezet toegekeken worden op de correcte toepassing van de door de Algemene Vergadering goedgekeurde kostennormering.

    Dhr. M. De Smedt verklaart dat hij het niet eens is met bepaalde elementen uit de kostennormering. Verder stelt hij dat hij nog steeds wacht op een toelichting inzake het 10-punten-plan van de Algemeen Penningmeester dewelke repliceert dat hij bereid is dat te doen op plaats en tijdstip naar keuze doch ook stelt dat daarenboven het plan uitvoerig werd toegelicht in een document dat verspreid is onder de deelnemers aan een vergadering hierover en waarop de heer Desmedt was uitgenodigd, doch verontschuldigd.  In afwachting van verdere verduidelijking zegt Dhr De Smedt de door de Penningmeester gevoerde politiek inzake de toepassing van de normering te contesteren. Hij is tevens de overtuiging toegedaan dat de Algemeen Penningmeester de normering niet objectief toepast en bepaalde personen viseert – “de man spelen in plaats van de bal” - evenwel zonder deze stelling hard te maken. Dhr. Laermans, de Voorzitter en Dhr Van Vooren verzoeken Dhr. De Smedt deze aantijging te herroepen. Dhr. De Smedt weigert dit te doen en aangezien Dhr Laermans niet akkoord kan gaan met het feit dat de voorzitter toelaat dat bestuurders elkaar ongestraft tijdens een zitting van de RvB mogen beschuldigen zonder hiervoor enig bewijs te moeten leveren, stelt hij zijn mandaat ter beschikking en verlaat hij de vergadering.
     
  7. De Belgische Arbitragecommissie voor de Sport heeft de arbitragezaak, ingespannen door BB Erpe Mere behandeld en de eis van de club ontvankelijk en gegrond verklaard.
    De beslissing van de Raad van Bestuur van 24 april ’06 wordt vernietigd en de facto wordt de beslissing van de Landelijke Raad van Beroep hersteld. De Raad van Bestuur beslist dat BC Black Boys Erpe Mere op basis van het gecorrigeerde eindklassement behouden blijft in 2de provinciale en draagt het Provinciaal Comité Oost-Vlaanderen op in 2e Provinciale een reeks met 15 teams te voorzien in het seizoen 2006-2007.

    Dhr. A. Welvaarts, Voorzitter, beëindigt de vergadering.
     
  8. Volgende vergadering: zaterdag 01 juli ’06 om 09u op de Zetel te Brussel.
     


Koen Umans
Secretaris-generaal VBL

 
 

^top


All content is © 2002-2008 VBL - Website development & hosting by Domatica