sitemap





 

LANDELIJKE WETGEVENDE COMMISSIE

Wet(gevende Commissie – Vergadering van 01 maart 08

Aanwezig: Dhrn Deweerdt, Laermans, Van den Eynde, Verheye
Afwezig en verontschuldigd: Dhr Baerts
Uitgenodigd en aanwezig : Dhrn Welvaarts en Umans

  1.  verslag vorige vergadering goedgekeurd
     
  2. Vlaams Brabant stelt hierna volgende probleem :

    Volgens artikel 69bis en 73.5 moet het DLC in het ene en het PC in het andere geval de wedstrijdbladen controleren en bij overtredingen
    administratieve sancties toepassen .

    Gezien artikel 234 voorschrijft dat de overtredingen van alle voorschriften in verband met coaches door de bevoegde Rechterlijke Raden moeten
    behandeld worden en gezien artikel 277 voorziet dat een forfait kan uitgesproken worden omdat een speler of een coach niet voldoet aan de voorschriften
    van artikel VCD 217

    is het de taak ,hetzij van het PC hetzij van het DLC , bij vaststelling de Rechterlijke Raad van de strafbare feiten op de hoogte te brengen .
     
  3. de voorstellen van aanpassingen ,door Antwerpen aan de artikelen 212 en228 ,voorheen uitgesteld worden nu voorlopig teruggetrokken, en zullen bij
    een volgende gelegenheid opnieuw worden ingediend.
     
  4. de vorige voorstellen van Antwerpen voor de artikelen 210 en 210bis maken nu het voorwerp uit van een nieuwe voorstellen die ter stemming zullen voorgelegd worden
    in de AV van 29.03.2008..
     
  5. Het weze andermaal duidelijk gesteld dat, bij toepassing van artikel 254 C, de wedstrijden van de officiële competitie voorrrang hebben op de organisatie van
    andere competities. Andere competities zijn o.m. de Bekerwestrijden . De beslissing van de Raad van Beheer dd.8 september 2003 dient derhalve als onbestaande
    beschouwd, wegens onjuiste beoordeling
    De enige te weerhouden uitzondering is wanneer een competitiewedstrijd hergeprogrammeerd wordt op een datum reeds voor een bekerwedstrijd weerhouden. Dan heeft
    die bekerwedsstrijd voorrrang.
     
  6. ; voorstel van O-Vl werd teruggetrokken gezien het betrekking heeft op de in bespreking zijnde hervorming van het Juridisch Deel
     
  7. werking RR op het niveau D2/D3/D1D moet ook deel uitmaken van de herziening van het Juridisch Deel. door de aangestelde werkgroep
    In afwachting werd er een oplossing uitgedokterd om de hangende zaken te kunnen oplossen.
     
  8. Probleem kapitein-coach - Op het wedstrijdblad moet het vak "ad hoc" ook ingevuld worden met de naam van de kapitein-coach .De naam van de
    assistent- -coach moet, indien hij aanwezig is, ook aangebracht worden als hij over de gepaste licentie beschikt.
     
  9. artikel 260,C tweede alinea, in zijn huidige vorm ,moet als volgt gelezen worden:
    Opdat er eventueel een gunstig gevolg zou verleend worden is het onontbeerlijk dat , voor een wijziging van dag en uur,het schriftelijk akkoord van de bezoekende ploeg
    is toegevoegd
    Evenwel , als het over wedstrijden van stijgen of dalen gaat ,kan de bezoekende ploeg geen uurwijziging op dezelfde dag weigeren.

    Uit de discussie omtrent dit punt is echter gebleken dat een wijziging van kwestige tweede alinea zich opdrong en op de AV van 14 juni e.k.zal volgende wijziging
    ter goedkeuring worden voorgelegd :

    " Opdat er eventueel een gunstig gevolg zou verleend worden is het onontbeerlijk dat ,voor een wijziging van dag en uur, of één van beide, het schriftelijk
    akkoord van de bezoekende ploeg is toegevoegd "
     
  10. Voor de evaluatie van de scheidsrechters ,waar reeds de basis werd gelegd van een akkoord, zal aan de AV van maart door de RvB een aanvullende budget
    bevraagd worden.
     
  11. Er wordt de nadruk gelegd op artikel 203 ,waarbij uitdrukkelijk de officiële functies geciteerd staan en dat het derhalve onmogelijk, noch toelaatbaar , is dat twee
    van die functies terzelfdertijd en voor dezelfde wedstrijd door één persoon worden waargenomen .Nazicht voor een strikte toepassing ,gepaard met de nodige sancties,
    is vereist.
    B.Laermans vraagt dat de bestaande situatie in de provincie Oost-Vlaanderen, waarbij toegelaten wordt de functies van aantekenaar en terreinafgevaardigde
    gecumuleerd worden bij jeugdwedstrijden, onmiddellijk zou worden geregulariseerd.
     
  12. Er wordt herinnerd aan de interpretatie van de Wetcom over te begrip "reguliere competitie " gegeven in hun vergadering dd.04.02.06 :
    " "reguliere competitie " is een competitie waarin iedere ingeschreven ploeg van de betrokken afdeling of reeks/mag moet deelnemen.Iedere ploeg speelt - heen en terug-
    tegen elke andere ploeg
     
  13. De vraag wordt gesteld of een ploeg, die in een bepaalde afdeling het kampioenschap beëindigd heeft op een plaats, die geen aanleiding geeft tot dalen ,vrijwillig
    mag dalen naar de onmiddellijk lagere afdeling. en dit mits een andere ploeg van die lagere afdeling in de volgorde van de rangschikking ,en met uitsluiting van
    de dalers in die reeks de plaats in de hogere afdeling wenst in te nemen. Zo niemand geveolden wordt ,dan is dalen naar de laagste provinciale reeks.

    Dit zou gekund hebben maar wat als de onmiddellijk lagere afdeling bestaat uit twee of meerdere reeksen ? Testwedstrijden in april/mei/mutatieperiode zijn uit den boze
     
  14. F Van den Eynde vraagt om een bespreking ter verlenging en/of ter defintief stellen van de mogelijkheid tot deelname met twee ploegen aan de landelijke jeugdcompetitie.

    Bij aanvang van huidig competitiejaar kwam dit in voege en het werd gesteld als proefperiode

    O-Vl en Antwerpen vragen een strengere regeling om andere ploegen niet de benadelen als daar zijn : aantal jaren van aansluiting bij de club, beperktere regio's voor recrutering.
     
  15. Een voorlopige dagorde , voorgelegd door de SG, wordt overlopen .
    De voorgestelde wijzigingen aan het HHReg zullen in hun huidige vorm ter stemming voorgelegd worden
    Er waren enkele losse discussies van de artikelen 47 en 53, over het al dan niet jaarlijks af te leggen theoretisch examen door de scheidsrechters en
    tafelcommissarissen , over de tegenspraak in de tekst van het artikel 69bis dat zijn oplossing moet vinden via de werkgroep van het Juridisch Deel,
    over wie bepaalt ,per categorie van scheidsrechters, hoeveel maal ieder van hen beschikbaar moet zijn om jeugdwedstrijden te leiden
     
  16. B.Laermans stelt vast dat de collega's van de FinCom de vraag om de tool i.v.m.het coördtnatensysteem tot op heden nog niet beantwoord hebben en benadrukt de noodzaak van een grote steekproef om zonder problemen tot de invoering ervan te kunnen overgaan

André Deweerdt

 
 

^top


All content is © 2002-2008 VBL - Website development & hosting by Domatica